Tien jaar na zijn dood is de herinnering aan Johan Cruijff nog springlevend. Wat maakt hem zo bijzonder? De documentairereeks Cruijff laat dat zien aan de hand van uniek materiaal uit het familiearchief.
Johan Cruijff is een icoon, een unieke persoonlijkheid. “Dat maakt hem de heilige graal voor documentairemakers”, aldus producent Jaap Schneider. Drie jaar geleden vonden Cruijffs vrouw Danny en zijn kinderen Susila, Chantal en Jordi de tijd rijp voor een documentaire over Johan. Ze wilden zelf in de hand houden wie ze toegang verleenden tot het familiearchief. De keuze viel op Schneider (van de documentaire Dat ene woord: Feyenoord) en James Gay-Rees, die eerder documentaires produceerde over Formule 1-coureur Ayrton Senna, voetballer Diego Maradona en zangeres Amy Winehouse.
Schneider, Gay-Rees en regisseur Sam Blair konden putten uit uniek materiaal. Van stoffige fotoalbums tot zwemdiploma’s; van hypotheekaktes tot vakantievideo’s. Ook vrienden en kennissen droegen materiaal aan, en zelfs bij Spaanse omroepen lag veel materiaal in bewaring. Al dat materiaal schetst een uniek beeld van de voetballer, de trainer en de mens Johan Cruijff.
Zo zitten in de vierdelige documentaireserie Cruijff krantenberichten van toen Johan Cruijff een jaar of tien oud was. Zelfs toen wist hij al dat hij veel beter was dan zijn leeftijdgenoten. De mensen om hem heen zagen ook dat hij geen doorsnee voetballer was. Het verbaasde dan ook niemand dat hij al op zeventienjarige leeftijd debuteerde in het eerste elftal van Ajax. Hij scoorde meteen.
Dat succes steeg hem niet naar het hoofd, vertelt sportjournalist Kees Jansma. “Hij wist hoe goed hij was, maar dat snoeverige ontbrak totaal. Terwijl ik bij andere voetballers met minder talent vaak vond dat het wat hun ego betreft wel wat minder kon.” Jansma roemt met name zijn spelinzicht en zijn compleetheid: “Hij was spits en spelmaker tegelijk, Cruijff kon alles en zag alles.”