Marlijn Weerdenburg kampeert al haar hele leven. Daarom past We zijn er bijna! ook zo goed bij haar. Ze volgt Martine van Os op als presentatrice van het reisprogramma.
“Bijzonder, maar ook spannend. Ik volg Martine van Os op, die het veertien jaar heeft gedaan. Dat deed ze heel goed, ze is niet voor niets enorm geliefd bij de kijkers. Ik had dus behoorlijk grote schoenen te vullen. Dat was absoluut geen straf, omdat ik zo dol op kamperen ben. Martine droeg het stokje persoonlijk aan me over. Het belangrijkste voor mij was dat ik voelde dat ze het me echt gunde. Ze zei: ‘Ik heb vertrouwen in je.’ En ze gaf me een goede tip: ‘Het is een programma waarin je als maker heel erg kan meedenken en meewerken, dus pak die vrijheid.’ Dat heb ik gedaan. Ik vond het heerlijk om mijn eigen intuïtie te gebruiken.”
“Ja, zes weken is een hele tijd. Ik heb iedereen goed leren kennen, en zij mij ook. Want er zijn ook heel veel momenten dat we níet gefilmd worden. Dan ben ik gewoon onderdeel van de groep. Even samen koffiedrinken, met elkaar kletsen: we maakten samen van alles mee. Ik probeerde een vlieg op de muur te zijn en volgde de kampeerders in hun ritme. Ik merkte al snel dat ze echt hun eigen ding durfden te doen. Toen wist ik: ik doe het goed.”
“Er waren twee mannen die allebei een aantal jaar geleden hun vrouw waren verloren. Adri’s vrouw is van de trap gevallen terwijl ze haar kleinkind naar beneden tilde en op haar hoofd terechtgekomen. Mijn moeder is ook plotseling overleden, dus daarin vonden we elkaar. Ik vond het heel mooi om te zien hoe Adri er alles aan deed om zijn leven weer op de rails te krijgen. Ook het verhaal van Jan raakte me. Zijn vrouw had MS. De laatste tien jaar van haar leven heeft hij voor haar gezorgd. Hij had hun camper zo laten inrichten dat zij in haar rolstoel toch mee kon. En nu was hij dus alleen op pad. Met de vraag: hoe bouw ik mijn leven opnieuw op? Ik zag in beide mannen mijn vader terug; dat kwam af en toe heel dichtbij.”